Local content vraagt om duidelijke nationale visie
“Er zijn verschillende invalshoeken van waaruit we naar local content kunnen kijken,” zegt Steven Debipersad, voorzitter van de Vereniging van Economisten in Suriname. “Belangrijk is dat we een nationale visie hebben. Ik begrijp dat het ministerie van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie daar al aan werkte. Waarom het belangrijk is om een nationale benadering te hebben, is omdat je dan samen met de publieke sector, de private sector en alle andere betrokkenen kunt nadenken over wat local content voor Suriname betekent en wat de voordelen ervan kunnen zijn. Vanaf dat moment kun je een tijdslijn uitzetten en taken verdelen tussen de overheid en andere partijen. Tot die tijd blijven we in de modder ploeteren, omdat we over van alles en nog wat praten zonder duidelijke richting.
Aan de vooravond van de grote olie- en gasontwikkelingen wordt er ook veel gesproken over local content, de Surinaamse samenleving die moet inkomen met het leveren van diensten aan de oliemaatschappijen. Een goed vooruitzicht waar mee verdiend kan worden, maar dat goed moet worden uitgezet, zodat de ondernemers en werknemers ook beschermd worden. Er moeten namelijk richtlijnen zijn voor hoe bedrijven zaken doen met de bevolking van het land waarin zij werkzaam zijn, op een manier waarbij de lokale gemeenschap wordt betrokken en rekening wordt gehouden met het milieu. Veel bedrijven doen dat al, maar de overheid moet dit ook afdwingen. Wij moeten ons als land beschermen tegen alle bedrijven die straks van buitenaf naar Suriname komen. Van lokale bedrijven wordt veel geëist, terwijl dat bij buitenlandse bedrijven in mindere mate gebeurt.
Debipersad: In een kleine samenleving als Suriname is het belangrijk dat de overheid dit scherp voor ogen heeft, anders lopen we tijd en geld mis. Ik heb positieve geluiden gehoord vanuit het bedrijfsleven dat er ontwikkelingen gaande zijn op dit gebied. Nu moet het directoraat Ondernemerschap bedrijven begeleiden in dit traject. Daarna kunnen andere discussies volgen, zoals: moeten we een wet hebben? Moet er beleid komen? Maar zolang we niet weten wat local content voor Suriname betekent en wat als lokaal wordt beschouwd, is het moeilijk om verder te gaan. Zo noemde wijlen ex-president Chandrikapersad Santokhi een bedrijf lokaal wanneer het geregistreerd staat bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken (KKF). Veel Surinamers, zowel ondernemers als werknemers, dachten echter: nee, dat klopt niet helemaal. Ook TotalEnergies staat immers ingeschreven bij de KKF, maar het blijft een buitenlands bedrijf. Er moet dus meer zijn dan alleen registratie bij de KKF. Iedereen die naar Suriname komt, is verplicht zich te registreren, maar dat maakt je nog geen Surinamer.
Volgens Debipersad lopen we het risico dat de werkloosheid hoog blijft als we onvoldoende aandacht besteden aan het vraagstuk. Er is veel werk aan de winkel en het is geen kwestie die binnen een paar dagen is opgelost. Daar is grondige studie en voorbereiding voor nodig.
“We bevinden ons op een niveau dat we al jaren wilden bereiken. Investeerders staan te popelen om naar Suriname te komen. Bedrijven concurreren om kansen in ons kleine land. Maar wij moeten ons goed indekken, zodat we niet worden beroofd van de voordelen die deze ontwikkelingen met zich mee kunnen brengen.”